Overstroomd – Eva Moraal

Young Adult, niveau 2

‘Overstroomd’ is een dystopie waarin hele gebieden ondergelopen zijn, er nog steeds overstromingen plaatsvinden en daarbij mensen verdrinken als gevolg van de klimaatverandering. Laatst hoorde ik op de radio dat door de opwarming van de aarde de zomers steeds warmer worden en de winters niet per se kouder… Dit boek is vooral een spannend verhaal, maar wellicht hoopte de schrijfster ook dat jongeren hierdoor wat milieubewuster gaan leven.
Hoewel het heel erg is dat mensen verdrinken en gebieden onderlopen, hebben de Grote Overstromingen nog een ander heftig gevolg: de verdeeldheid tussen de mensen. De Drogen zijn de rijken die veilig achter de dijk wonen in Gesloten Gemeenschappen (GG). De Natten, je raadt het al, hebben het minder breed en wonen in moerassige gebieden die als eerste weer onderlopen bij een overstroming. De Drogen en de Natten denken vaak nogal minachtend en doen en praten nogal respectloos over elkaar. Er is ook een verzetsgroep die hoopt meer gelijkheid tussen de mensen te bereiken: de Nationale Alliantie tegen Terreur en Onderdrukking (NAtTO). Door de Drogen wordt dit gezien als een terroristische organisatie. Hoewel wij bij oorlog denken aan hele legers die tegen elkaar vechten en dit steeds losse (maar wel heftige) acties zijn, wordt het in het boek wel oorlog genoemd.
We volgen Nina en Max. Nina is een Droge die woont in GG1. Haar vader is de gouverneur van de Vijf Gewesten. Max is een Natte die woont in Wijk Zeven, de slechtste wijk. Max’ broer zit bij NAtTO. Beiden zijn ze iemand verloren aan het water.
Omdat haar school ondergelopen is, moet Nina naar een nieuwe school: een Natte school. Ook op school merk je de verdeeldheid en de minachting tussen de Drogen en de Natten. Nina is op deze school aangemeld met een andere achternaam, want het is beter als niemand weet dat ze de dochter van de gouverneur is. Nina en Max volgen een paar vakken samen en moeten samenwerken. Eerst zijn ze hier niet blij mee, maar al snel zoeken ze elkaar juist op en worden ze vrienden en meer. Dit blijkt een gevaarlijke vriendschap/liefde te zijn…
Nina en Max zijn natuurlijk heel verschillend. Ik vond het heel leuk dat de schrijfster dat ook met haar schrijfstijl laat zien. Zo gebruikt ze een schrijfstijl met langere zinnen en enkele wat ouderwetse woorden wanneer Nina aan het woord is en hebben de hoofdstukken waarin Max vertelt korte zinnen en een ‘Fuk’ hier en daar.
‘Wat wil je?’
‘Ik wil…’ Hij tuit zijn lippen. ‘Ik wil weten of ‘t waar is. Wat de Drogen zeggen over je pa, dat-ie een terrorist was.’
Hij wacht op een antwoord, een antwoord dat ik niet heb.
‘Nee, mijn pa was geen terrorist.’
Op het moment dat ik het zeg, weet ik ‘t zeker. In deze rotzooi is zelfs Harry geen terrorist. Een lul en een moordenaar, ja, maar geen terrorist. Wat pa ook van plan was, wat-ie ook heeft gedaan, hij was geen terrorist. Dat zijn Droge woorden.
Dit boek deed me sterk denken aan The Hunger Games. Een belangrijk (en leuk en verrassend) verschil is het perspectief. The Hunger Games, en andere populaire jongerendystopieën, vertellen het verhaal maar van één kant van de oorlog: het verzet. Hier lezen we beide kanten. Vanuit Nina lees je ook hoe de acties van NAtTO voor de Drogen zijn; zij ziet bijv. een gebouw waar ze wel eens met vrienden kwam in vlammen opgaan! Logisch dat NAtTO in de ogen van de Drogen terroristisch is. Maar de acties van de Drogen zelf zijn eigenlijk net zo erg. Zij volgen de wet wel, maar verdraaien die gerust. Hierdoor kan dit verhaal voor leraren een mooie opening zijn om het te hebben over heftige onderwerpen als oorlog of terrorisme, of, om het wat kleiner te houden, om te laten zien dat een verhaal twee kanten heeft en de schuld vaak bij beide kanten ligt.
Overstroomd is heel goed geschreven, zodat je je goed kan inleven in beide personages. Het houdt de aandacht vast en zet je aan het denken, maar ook als je geen behoefte hebt om je echt bezig te houden met zulke heftige (ik had nog veel spannendere en interessantere citaten uitgekozen, maar die verklappen te veel) dingen, wil je dit lezen, want het is gewoon een héél spannend verhaal.

Toen ik het boek uit had, voelde het verhaal wel afgerond, maar toch zijn er nog best veel open eindjes. Ik hoop op een vervolg, maar het is natuurlijk ook leuk om een opdracht voor de leerlingen te bedenken die ingaat op de open plekken van dit verhaal.

Geschikt voor: de officiële leefstijdscategorie van het boek is 15+
Soms vinden iets jongere leerlingen zulke boeken ook erg leuk en wat betreft leesniveau vind ik het geschikt voor klas 2 en 3. Er zitten wel wat heftige thema’s in. Nina wordt een keer bijna verkracht, ze wordt ontvoerd. Max en Nina hebben ook seks (dat wordt wel mooi omschreven vind ik). En natuurlijk alle geweldsincidenten / terroristische aanslagen en de ongepaste reactie van de regering.
Houd dit in gedachten als je het boek aanraadt.
    Thema’s: discriminatie, familie, geheimen, liefde, moord, oorlog, ontvoering, verlies

Boekentips:

  • In transit’: ook een dystopie voor Young Adults waarin de mensen verdeeld zijn. Er zijn dan nieuwe mensenrassen dankzij technologie / wetenschap. Zij worden niet geboren, maar gemaakt. In hun ogen zijn wij, de minder-ontwikkelde mensen… apen. Dat boek is wel iets moeilijker dan Overstroomd. Daarin zijn namelijk uitspraken, gebeurtenissen en voorwerpen die we nu nog niet kennen. In Overstroomd komen ook voorwerpen voor die nu nog niet bestaan, maar in mijn beleving lijken ze wel erg op dingen die we al wel hebben, zoals een HC (handcomputer) denk ik een verder ontwikkelde smartphone is en een Lezer waarschijnlijk gewoon een soort e-reader.
  • ‘De sprookjesverteller’ speelt zich af in de huidige samenleving, maar het liefdesverhaal hierin doet me denken aan dat van Nina en Max. Ook daar is het meisje rijk en de jongen niet. Zijn zusje en hij zouden in de pleegzorg moeten, maar hij wil dat voorkomen. En ook in dat boek doet de jongen iets onvergeeflijks, maar kan het meisje hem dat toch vergeven. Zó mooi om te lezen dat liefde alles overwint ❤

‘In transit’ en ‘De sprookjesverteller’ zijn boeken met leesniveau 3.

OBITR – Reflecteren als hoogste orde van beheersing

Er is de laatste aandacht voor het soort vragen dat in toetsen gesteld wordt. Deze moeten representatief zijn voor wat er van de leerling of student verwacht wordt en inzicht geven in hoeverre de leerstof begrepen is. Daarbij komt het OBIT-model vaak om de hoek kijken, als referentie voor begeersingniveaus. Onthouding, begrijpen, integreren en toepassen. Echter, ik ben van mening dat hier een niveau aan toegevoegd kan worden: reflecteren.

 

Er is aandacht genoeg voor reflectie in het onderwijs, hoor ik u denken. Reflecteren op de lesdoelen, toegespitst op product én proces, reflectie op de samenwerking, reflectie op hoe de feedback van het reflectieverslag is verwerkt… hoeveel moeten we nog gaan reflecteren?

 

Ik doel op een ander soort reflectie, namelijk reflectie in de lijn van de beheersingsniveaus, als toevoeging in de logische lijn van beheersing. Iemand leert eerst de regel (uitgang tweede persoon tegenwoordige tijd is -t), vervolgens leert waarom dit zo is (beginsel van gelijkheid), daarna integreren of intrainen (op een toets het infinitief correct vervoegen), om vervolgens in het eigen taalgebruik deze regel te gaan toepassen. Het reflecteren dat daar logischerwijs op volgt, is niet alleen op het proces van kennis vergaren (hoe zijn de stappen doorlopen), maar het bewust zijn van welke kennis de student heeft en wat de mogelijkheden hiervan zijn.

“Hoeveel moeten we nog gaan reflecteren?”

Tijdens de introductie van een onderwerp wordt vaak al aandacht besteed aan waarom het van belang is om deze kennis te hebben. Het is goed om studenten daar zelf over na te laten denken. Zo heb ik aan het begin van de lessenreeks fictie een uitspraak van Lebowitz gedeeld en hierover een gesprek begonnen met de studenten: wat zou bedoeld worden met “Denk voor je spreekt, lees voor je denkt”?

Anders dan op lesdoelen (aan het eind van de les kan de student…) wordt vaak op het doel van het

leren niet gereflecteerd. Wanneer kennis eenmaal wordt toegepast, wordt de student niet meer aangezet tot reflectie over deze kennis en op de vaardigheid.

“Vaak wordt de student niet aangezet tot reflectie op deze vaardigheid”

Bij reflectie op het beheersen stel ik me voor dat aandacht wordt besteed aan wat de student verwacht met de vaardigheden te kunnen; in die veronderstelling heb ik een reflectieformulier aangepast en laten invullen. Daaruit bleek dat de denkbeelden van mij en mijn studenten verschilden, wat betreft de toepasbaarheid van kennis. Studenten die een acht en hoger hadden gehaald voor de toets correspondentie, hadden ondanks de introductieles geen idee wat ze met hun vaardigheden kunnen, of in ieder geval niet buiten de schoolcontext. Dat was voor mij de reden om na te denken over reflecteren als hoogste orde van beheersing.

 

Later hoop ik hierop terug te komen, allicht met een passende manier om studenten richting een hoger beheersingsniveau te brengen.